Duurzaamheidsscore

Het Groen Ontwikkelfonds Brabant en de Provincie Noord-Brabant vinden het belangrijk dat de in pacht uitgegeven gronden duurzaam worden beheerd. Om die reden is de duurzaamheidsscore geïntroduceerd en is bij de uitgifte van pachtgronden niet alleen de geboden prijs bepalend. Sinds het pachtjaar 2017 wordt via deze methode voor de gunning ook meegewogen of een potentiële pachter aantoonbare inspanningen doet voor een beter waterbeheer, verbetering van de bodemkwaliteit en versterking van de biodiversiteit.
Of inschrijvers ook daadwerkelijk aan die voorwaarden voldoen wordt getoetst aan de hand van certificaten, die zij eerder hebben ontvangen.

Wat levert de duurzaamheidsscore op?

Het mee laten wegen van certificaten bij de gunning draagt bij aan een duurzamer beheer van de pachtgronden in Brabant – en zo aan goed waterbeheer, verbetering van de bodemkwaliteit en versterking van de biodiversiteit in Brabant.

Geldt de duurzaamheidsscore voor alle clusters?

Nee. Er is een uitzondering voor clusters die al een SKAL-status hebben. Bij deze clusters krijgen bestaande SKAL-bedrijven en SKAL-bedrijven in oprichting voorrang bij de gunning. Voor alle overige clusters die via de openbare inschrijving zijn aangeboden is de duurzaamheidsscore van toepassing.
Gronden die ingezet worden ten behoeve van gebiedsprocessen of waar specifieke afspraken gelden, worden gericht verpacht. Het certificeringssysteem kan in die situaties wel worden toegepast bij de pachtprijsbepaling, maar is niet bepalend voor de keuze aan wie de gronden worden verpacht.

Wie heeft de duurzaamheidsscore ontwikkeld?

De methode is, op verzoek van het Groen Ontwikkelfonds Brabant, ontwikkeld door Stichting Milieukeur en Wageningen University & Research Centre.

Hoe werkt de methode?

Bij de beoordeling van een inschrijving wordt meegewogen of en in welke mate de bedrijfsvoering van potentiële pachters voldoet aan de gestelde eisen van duurzaamheid. Het laatste wordt bepaald aan de hand van certificaten. Het gaat om bestaande certificaten, die de bedrijven eerder al hebben ontvangen en op het moment van inschrijving geldig zijn. Ondernemers met certificaten maken daardoor meer kans op gunning van pachtgronden.

Om welke certificaten gaat het?

De volgende certificaten tellen mee: SKAL biologisch (zowel plantaardig als dierlijk), Milieukeur (zowel plantaardig als dierlijk), Beter Leven (twee en drie sterren), MDV (Maatlat Duurzame Veehouderij), Weidemelk en GLB-erkende certificaten (het akkerbouw-strokenpakket inclusief Vogelakker, het Veldleeuwerikpakket, Vezelhennep en Biodiversiteit-plus (Blief)). Uitsluitend deze certificaten (zie ook de tabel in het antwoord op de vraag ‘Hoe is de waardering van de certificaten tot stand gekomen?’) worden meegewogen in de duurzaamheidsscore. Andere certificaten of maatregelen waar geen certificering voor bestaat, tellen niet mee.

Alleen de certificaten die geldig zijn op het moment van inschrijving, tellen mee. Voor MDV tellen alleen de certificaten vanaf MDV-5 mee. Sinds 2018 worden ook punten toegekend aan deelnemers aan het bodempaspoort.

Wat wordt exact verstaan onder het certificaat SKAL plantaardig en SKAL dierlijk?

Uitsluitend plantaardige teelten, waaronder ook veevoedergewassen, met een SKAL-certificaat worden aangemerkt als SKAL plantaardig. Indien er een of meer diercategorieën biologisch worden gehouden dan dient het bedrijf als SKAL dierlijk te worden beoordeeld.

Hoe wordt gecontroleerd of de certificaten geldig zijn?

Bij de inschrijving moet een kopie van het certificaat worden aangeleverd. Dat maakt het mogelijk om administratief vast te stellen of een potentiële pachter beschikt over een of meerdere certificaten die meetellen voor de duurzaamheidsscore.

Hoe is de waardering van de certificaten tot stand gekomen?

De certificaten zijn op basis van een deskundigenoordeel gewaardeerd, met een score van 0 tot 10, afhankelijk van de bijdrage die zij leveren aan waterbeheer, bodemkwaliteit en biodiversiteit. De optelsom van alle waarderingen heeft een rapportcijfer opgeleverd.

Daarbij is voor waterbeheer een gemiddeld cijfer berekend; de waarderingen voor middelengebruik, emissies via lucht, emissies via grondwater en waterkwantiteit zijn opgeteld en vervolgens door 4 (=aantal deelthema’s) zijn gedeeld. Het cijfer voor waterbeheer is opgeteld bij de cijfers voor bodemvruchtbaarheid en biodiversiteit. Het resultaat van die optelsom is gedeeld door 3. Dat levert het genoemde rapportcijfer op.

Bij bedrijven die in omschakeling zijn naar SKAL en nog geen certificaten kunnen overleggen wordt gerekend met 70% van het rapportcijfer. Verder zijn ook punten toegekend voor het hebben van een ingevuld bodempaspoort.

De waarderingstabel

Thema’s   Water Bodem-vrucht-baarheid Biodi-versiteit  
kwaliteit Kwan-titeit
 

 

 

Certificaat

Middelengebruik Emissies via lucht Emissies grond-water Water kwan-titeit Rapport
cijfer GOB-doelen
SKAL (biologisch) plantaardig 9 9 9 3 6 5 6.2
in omschakeling naar SKAL (biologisch) plantaardig 4,3 (= 70% van 6,2)
SKAL (biologisch) dierlijk 9 9 9 3 6 5 6.2
in omschakeling naar SKAL (biologisch) dierlijk 4,3 (= 70% van 6,2)
Milieukeur plantaardig 6 6 6 3 3 3 3.8
Milieukeur dierlijk 0 0 0 0 0 1 0.3
Beter Leven ** 0 0 0 0 1 0 0.3
Beter Leven *** 0 0 0 0 2 0 0.7
MDV 0 0 0 0 0 2 0.7
Weidemelk 0 0 0 0 1 2 1.0
Bodempaspoort 0 0 0 0 1 (x 3) 0 1,0
GLB-erkende certificaten (bijv. Veldleeuwerik certificaat) 1 2 1 0 1 1 1.0
Optioneel  
zeldzame landbouw huisdierrassen / teelten 0 0 0 0 0 3 1.0

Wat wordt bedoeld met ‘in omschakeling naar SKAL’?

Ondernemingen die bezig zijn om te schakelen naar een biologisch bedrijf, voldoen nog niet aan alle criteria van het SKAL-certificaat. Zij doen echter wel de duurzaamheidsinspanningen, die verbonden zijn aan het verkrijgen van een SKAL-certificaat. De namen van deze bedrijven zijn bekend bij Stichting SKAL. De provincie heeft met de stichting afspraken gemaakt die er toe moeten leiden dat de betrokken bedrijven binnen maximaal twee jaar officieel erkend zijn.
Deze ondernemingen maken al wel de (meer)kosten van een biologisch bedrijf, maar genieten nog niet van de (meer)opbrengsten. Bedrijven die in de fase van omschakeling zitten, worden steekproefsgewijs gecontroleerd door SKAL. Zo wordt vastgesteld of zij zich aan de afgesproken voorschriften houden. De betrokken bedrijven krijgen een verslag van het toelatingsonderzoek en een uniek SKAL-nummer. Dat, in combinatie van een recente factuur van de registratiebijdrage, is voor de duurzaamheidsscore voldoende om beloond te worden met 70 % van het rapportcijfers voor de betreffende SKAL-categorie (plantaardig of dierlijk). Deze gegevens moeten worden meegestuurd met het digitale inschrijvingsformulier. Dat kan door ze te uploaden.

Telt het bodempaspoort mee?

Het bodempaspoot is ontwikkeld door ZLTO en geeft inzicht in de kwaliteit van de bodem. Kijk hier voor meer informatie over het bodempaspoort.
Voor het bodempaspoort is ook geen certificaat vereist. Hier volstaat het als de inschrijver een uitdraait toevoegt waaruit blijkt dat hij deelneemt aan het bodempaspoort.

Kunnen certificaten worden gecombineerd?

Ja. Dat leidt ook tot een hogere eindscore. Bij combinaties van certificaten worden de scores per certificaat bij elkaar opgeteld. Een uitzondering is de combinatie van Weidemelk en SKAL biologisch dierlijk. Om voor het laatstgenoemde certificaat in aanmerking te komen is weidegang dan wel toegang tot buitenuitloop al verplicht. Daarom mag in het geval van een certificaat SKAL dierlijk geen extra punten toegekend voor de weidegang. Het mag wel worden gebruikt in combinatie met SKAL plantaardig, bijvoorbeeld in het geval van een biologische akkerbouwer met een gangbare melkveetak.

Ook bij combinatie van biologische akkerbouw en biologisch veehouderij kunnen scores niet bij elkaar worden opgeteld, omdat in beide certificaten de impact op waterbeheer, bodemvruchtbaarheid en biodiversiteit al is gewaardeerd.

Tot slot zijn ook de scores van combinaties van Biologisch, Milieukeur en/of Beter Leven alleen bij elkaar op te tellen als het om verschillende sectoren gaat.

Agrarische ondernemers ontvangen voor weidegang geen certificaat. Waarom is toch het certificaat Weidemelk meegenomen? 

Bij Weidemelk is de afnemer van de melk degene die het certificaat krijgt. Feitelijk is dus de zuivelverwerker gecertificeerd en is het melkveebedrijf de deelnemer. De zuivelverwerker houdt een (digitale) registratie bij van de deelnemende bedrijven en vermeldt de weidegang ook op de melkafrekening. Een recente uitdraai van de digitale registratie wordt in dit geval gezien als bewijs van de weidegang en kan als ‘certificaat’ worden toegevoegd.

Hoe worden de certificaten meegewogen?

De optelsom van de rapportcijfers vormt de duurzaamheidsscore. Op basis van de geboden pachtprijs en de duurzaamheidsscore wordt een virtuele duurzaamheidsbieding gedaan.

Hoe komt de virtuele duurzaamheidsbieding tot stand?

Daarvoor wordt de volgende rekensom gehanteerd:
de virtuele duurzaamheidsbieding = de geboden pachtprijs + (geboden pachtprijs x duurzaamheidsscore, gedeeld door 10).

Kijk hier voor een Rekenvoorbeeld

Hoe wordt omgegaan met een cluster dat al een SKAL-status heeft?

Een aantal clusters heeft een SKAL-status. Bij de aanbieding van de clusters staat aangegeven of hier sprake van is. Deze status kan alleen behouden worden als het perceel wordt verpacht aan een SKAL-bedrijf of SKAL-bedrijf in oprichting en als aan de voorwaarden van SKAL wordt voldaan. Een SKAL-bedrijf of SKAL-bedrijf in oprichting krijgt daarom voorrang bij gunning van deze clusters. Ook geldt voor deze clusters een minimumprijs per hectare. De minimumprijs staat aangegeven bij de aanbieding van het cluster. Alleen in het geval er geen SKAL-bedrijf of SKAL-bedrijf in oprichting op een cluster inschrijft, zal er aan een regulier bedrijf worden gegund.

Hoe werkt de versnelde omschakeling naar SKAL?

Dit geldt voor een aantal clusters die gelegen zijn binnen Natuur Netwerk Brabant. Bij de aanbieding van de clusters staat aangegeven of hier sprake van is. Deze clusters voldoen aan de voorwaarden van SKAL om versneld om te schakelen. Dit betekent dat het cluster met ingang van 2019 volledig biologisch is. De versnelde omschakeling is alleen mogelijk als een SKAL-bedrijf of SKAL-bedrijf in oprichting het cluster gegund krijgt en aan de voorwaarden van SKAL wordt voldaan.

Komen alle clusters gelegen binnen Natuur Netwerk Brabant in aanmerking voor de versnelde omschakeling naar SKAL?

Nee. Als dit van toepassing is dan staat dit aangegeven bij de aanbieding van het cluster.

Geldt voor de clusters die in aanmerking voor de versnelde omschakeling naar SKAL ook een minimumprijs per hectare?

Nee. Dit is alleen bij clusters die al een SKAL-status hebben.

Krijgt een SKAL-bedrijf of SKAL-bedrijf in oprichting ook voorrang bij clusters die in aanmerking komen voor de versnelde omschakeling naar SKAL?

Nee. Deze clusters worden gegund op basis van de duurzaamheidsscore.